• Sofie Beunen

4 tips van jongeren over motivatie op school

“Een leerkracht die vraagt hoe het met mij gaat, maakt mijn dag”


Maar liefst 52 jongeren namen deze zomer het woord. Tijdens de zomerscholen gingen ze met ons en met elkaar in gesprek over wat hen motiveert op school. Via arts-based-research methodieken (en meer concreet met stripverhalen, foto’s en beeldentheater) gingen we dieper in op De Ideale School.


Aan het begin van het nieuwe schooljaar, serveren we jullie graag een portie nieuwe motivatie, vormgegeven door de jongeren zelf.


1. ‘Mevrouw, waarom moet die kap af?’

Tieners verzetten zich al eens graag tegen gevestigde waarden of heilige huisjes. Maar, waarom zijn die huisjes zo heilig? Sommige regels geven we van jaar op jaar door, zonder dat we ze nog in vraag stellen. Maar we horen van jongeren dat het niet zozeer gaat over “tegen de regels zijn”, integendeel, jongeren hebben vaak begrip voor de regels, als ze het ‘waarom’ achter de regels begrijpen.


Een tip vanuit de jongeren: leg uit waarom bepaalde regels bestaan en relevant zijn. Dat zou voor veel jongeren meer duidelijkheid scheppen. Als je een stapje verder wil gaan, kan je samen met de jongeren regels opstellen. Dat zorgt naast begrip ook voor gedragenheid. Het is daarbij veel eenvoudiger jongeren op het navolgen van die regels aan te spreken, want het is een regel die ze zelf opstelden. De autonomie die ze daarbij ervaren is bovendien ook goud waard.


Onderzoek toont aan dat leerkrachten die zorgen voor een dergelijke autonomie-ondersteunde structuur in de klas, daarnaast ook zelf meer gemotiveerd voor de klas staan (doeltreffender lesgeven en hogere jobtevredenheid ervaren) en een betere relatie met de leerlingen hebben. Leerlingen zijn meer betrokken en verbonden bij wat er in de klas gebeurt en kunnen meer focussen op ontwikkeling. Deze duidelijkheid en ruimte voor autonomie, impliceert dat leerkrachten hen naar waarde schatten en ook dat motiveert (Cheon, Reeve & Vansteenkiste, 2020).


De jongeren deden daarbij ook een oproep naar de directies: “Leerkrachten begrijpen zelf de meerwaarde van sommige regels niet en volgen ze niet op, dat is niet cool, dat is verwarrend.” De nood aan duidelijkheid en consequent zijn is groot. Er bestaan scholen waar gezamenlijk een schoolreglement wordt opgesteld met directie, leerkrachten en leerlingen, worth a try?


2. “Ik mag hier zijn wie ik ben en de juf vraagt ‘hoe gaat het’”

Het klinkt misschien eenvoudig, maar in de drukte van alledag is het iets wat we snel vergeten, een welgemeende “hoe gaat het ermee?”. Het leek wel de essentie van elke focusgroep: Er wordt gezocht naar connectie, een vertrouwensrelatie, waarbij in gesprek gegaan wordt en geluisterd naar elkaar.

Die meerwaarde blijkt eveneens uit grootschalig Europees onderzoek: “Proactief werken aan een kwalitatieve een-op-een-relatie loont. Zo voorkom je motivationele- en gedragsproblemen. Als je pas praat wanneer er zichtbare problemen zijn (afwezigheid, afwijkend gedrag etc) wordt het gesprek gepercipieerd als ‘straf’, eerder dan ‘ondersteuning’. Een vertrouwensrelatie is vrijwillig van beide kanten, met ook ruimte voor de stem van de leerling (Nouwen, 2016).


Jongeren gaan verder in op die kwalitatieve relatie door te verwijzen naar “mogen zijn wie je bent”. Een relatie waarin je kan groeien, maar ook fouten mag maken of uitdagingen mag hebben, waar samen naar een oplossing gezocht wordt. Zoals Raissa* zegt (na veranderen van school) “Mijn uitdagingen worden niet als problemen gedefinieerd zoals voordien, maar ik werk er samen met de leerkrachten aan.”


Een concrete tip van een leerkracht zelf: maak er een dagelijks ritueel van om minstens met een iemand het gesprek aan te gaan en meer te weten komen over hoe het écht gaat. Een ander idee dat we hoorden was om een wekelijks “klasuur” te organiseren: tijdens dit uur mag wie wil vertellen hoe het gaat, wat er niet gaat, mogen er vragen gesteld worden. De kern hierbij is dat leerkracht en leerlingen in gesprek gaan en er gevolg aan geven.


3. “Je wordt daar in een groep gezet en zonder dat je elkaar kent ben je een klas.”

Bij de start van het schooljaar, vragen jongeren zelf om voldoende in te zetten op kennismaking en groepsvorming.

“Het is heel raar dat je daar plots in een groep zit en je kijkt zo wat naar elkaar.”

Leerlingen willen, net als elk van ons eigenlijk, ergens deel van uitmaken. Jongeren tonen dat ze tot een gemeenschap behoren, motiveert hen en dat heeft een positieve impact op hun welbevinden (Keppens & Vanderlinden, 2019).

We hoorden positieve verhalen van jongeren over kennismakingsspelletjes, groepsgesprekken, een ontbijtje of een kringgesprek. Elke leerkracht heeft zijn eigen stijl of aanpak om te werken aan groepsvorming. Meer inspiratie in dat opzicht is te vinden in “Klasdynamiek” (van Groep Intro) of op instagram accounts als ‘studiotopless’ of ‘onderwijsvanmorgen’.

Door hiermee aan de slag te gaan, kan je elkaar écht leren kennen. Dat groepsgevoel en die verbondenheid maken voor de jongeren een wereld van verschil, maar we durven te suggereren dat het ook als leerkracht aangenamer werken is. Het proberen waard?


4. “Ik kan heel kwaad worden als mensen mopjes maken over mijn huidskleur...maar ik zwijg"

In elk groepsgesprek werden uitvoerig ervaringen rond discriminatie en uitsluiting uitgewisseld. Veel jongeren geven aan racisme te ervaren. Zowel onderlinge uitsluiting en pestgedrag, als ‘ogenschijnlijk onschuldige’ mopjes van leerkrachten komen hard binnen.


Leerkracht: “Pas op want die handdoek ligt op de grond en is dus vuil.” Stacy* vond dit niet erg en leerkracht zei: “Aah, daar komt die kleur op je gezicht dus vandaan.”


De kinderen die dergelijke getuigenissen deelden, gaven elk aan op een andere manier te reageren: het ene kind gaf aan te willen slaan en zich verdedigen. Een ander kind zegt niets en hoopt stilletjes dat de leerkracht zal tussenkomen. Allemaal hopen ze dat een leerkracht dergelijke momenten van onrechtvaardigheid erkent en zoeken ze naar positieve bekrachtiging van hun onderlinge diversiteit en gemeenschappelijkheden.


Leerkrachten vervullen, net als ouders, een rol in de zoektocht van kinderen naar emotionele veiligheid. Zeker als je inclusief onderwijs wil realiseren, is die emotionele veiligheid essentieel. De relatie met de leerkracht kan hierbij een bron van steun en stabiliteit vormen, waardoor de leerling de mentale ruimte krijgt om te focussen op leren (Keppens. & Vanderlinden, 2019).


Ook hier een concrete tip: Probeer aandachtig en sensitief te zijn voor kwetsende uitspraken of exclusie van anderen. Dat is als leerkracht geen eenvoudige opgave, omdat het soms sluimert of omdat erover gezwegen wordt, maar zo waardevol. Probeer te zien, te erkennen en vertrouwen op te bouwen, zodat je een emotioneel veilige schoolomgeving kan creëren voor elk kind.



Goesting gekregen om zelf in gesprek gaan met jongeren (en andere actoren) over motivatie op school? Je kan nog altijd hier inschrijven voor het fijne kick-offevent op 28 september van TienerZin waar ook enkele jongeren het woord zullen nemen.


* Namen van leerlingen zijn omwille van privacy aangepast


Bronnen

Cheon, SH. & Reeve, J. & Vansteenkiste, M. (2020). When teachers learn how to provide classroom structure in an autonomy-supportive way: Benefits to teachers and their students.

Keppens, K. & Vanderlinden, R., (2019). Een sterke band met elke leerling: hoe fiks je het” In Vantieghem & Van de Putte (Red.), Vol potentieel, krachtig lesgeven in diversiteit (pp. 205-217). Leuven: Acco.

Nouwen, W., Van Praag, L., Van Caudenberg, R., Clycq, N., & Timmerman, C. (2016). School-based prevention and intervention measures and alternative learning approaches to reduce early school leaving.



Afbeelding: ZIDIRIS



0 opmerkingen

Recente blogposts

Alles weergeven